Posts tonen met het label New 2013. Alle posts tonen
Posts tonen met het label New 2013. Alle posts tonen

maandag 11 februari 2013

cd Nick Cave & The Bad Seeds - Push the Sky Away

Nick Cave & The Bad Seeds - Push the Sky Away


Bron: DeMorgen.be 08 Februari 2012

Na de rauwe rechttoe rechtaan rock van Grinderman acht Nick Cave de tijd rijp om het volume terug te schroeven voor een introverte plaat waar de gitaren grotendeels naar de achtergrond worden verdrongen.

Sinds Nick Cave van de drugs af is, heeft hij zich ontplooid tot een nauwelijks in te tomen workaholic die naast zijn core business - rockplaten opnemen met The Bad Seeds - de tijd vindt om soundtracks te componeren, filmscripts te schrijven voor zowel The Proposition als Lawless, en - getuige The Death of Bunny Munro - ook nog een succesvolle tweede roman te publiceren. En zoals gezegd hield Cave er de laatste jaren als aanvoerder van Grinderman dus ook nog een compromisloze rockgroep op na die, ook al hadden de leden inmiddels de kaap van de vijftig gerond, live probleemloos het stof uit de versterkers speelde.

Op Push the Sky Away, zijn vijftiende plaat, slaat de Australiër evenwel een veel ingetogener toon aan. De thema's die hij behandelt, voelen inmiddels wél vertrouwd aan: zijn obsessie voor seks, religie en geweld zet opnieuw de lijnen uit, maar dit keer hebben de nummers veel minder gemeen met de withete rock-'n-roll waar The Bad Seeds en Grinderman in grossieren. De songs vertonen nog het meest van al verwantschap met de sfeervolle filmmuziek die Cave met violist Warren Ellis componeert. Nu Mick Harvey de groep verlaten heeft, werpt Ellis zich nog meer dan voordien op als de man die op muzikaal vlak de lijnen uitzet. Gevolg: minder gitaren en snoeiharde drums, meer somber meanderende violen en geloopte keyboards. Meer subtiliteit, minder explosieve uitbarstingen.

Opener 'We No Who U R' zet meteen de bakens uit. Je hoort een sober orgeltje, ingehouden drums, en een bas die het vertikt in de kijker te lopen. De vergelijking met Leonard Cohen, niet toevallig een van Caves grote voorbeelden, is snel gemaakt. Zijn voordracht - meer observator dan emotioneel verteller - beklemtoont die gelijkenis nog. "You grow old, and you grow cold", klinkt het even verderop. Cave neemt er akte van maar geeft verder geen krimp.

Zee en strand
In 'Water's Edge' tuurt de songschrijver door het raam van zijn werkkamer in Brighton en ziet hij het geflirt van jongens en meisjes op het strand, en in 'Jubilee Street' schetst hij een beeld van een prostitutiewijk door de ogen van een voorbijganger die twijfelt welke kaart hij zal trekken: die van de schaamte of die van de lust. Het is de eerste passage waar je een pluk gitaar in hoort, al eist ook hier de wat treurende viool van Ellis de meeste aandacht op. Even verderop volgt 'Finishing Jubilee Street', letterlijk een nummer over het moment dat hij het voorgaande nummer had afgerond. Het lijkt spielerei, maar tegelijk is het een originele invalshoek voor een bespiegeling over creatieve overlevingstechnieken, en wat in eerste instantie een tamelijk oppervlakkige song lijkt wint na een paar beluisteringen toch aan reliëf.

De zee en het strand vormen dit keer vaker het decor waartegen Cave zijn observaties schetst. Zo ook in 'Mermaids', waarin de zanger zich buigt over de vraag waarom mensen wel in God geloven maar niet in zeemeerminnen. En 'We Real Cool' refereert zowaar aan Wikipedia: "Wikipedia is heaven when you don't want to remember no more." Het titelnummer - de slotsong ook - blijkt een hoogtepunt: "Some people say it's just rock'n'roll, but it gets down to your soul. You've gotta just keep on pushing, keep on pushing, push the sky away." Opnieuw: een oproep van de schrijver, zowel naar zichzelf als het publiek, om te blijven zoeken naar schoonheid. Dit keer is dat voor die laatste groep alvast geen probleem: Push the Sky Away is een prachtplaat.


zaterdag 9 februari 2013

cd Jim James - Regions Of Light And Sound Of God

Jim James - Regions Of Light And Sound Of God



Bron: Krenten uit de pop 05 february 2013

Jim James kennen we tot dusver als voorman van My Morning Jacket, als lid van de gelegenheidsformatie Monsters Of Folk (komt er nog een opvolger van het prachtige debuut uit 2009?), als gastmuzikant op talloze platen of heel misschien als de muzikant die als Yim Yames een prachtig eerbetoon aan George Harrison uitbracht en vervolgens bijdroeg aan de fraaie selectie Woody Guthrie covers op New Multitudes (samen met Jay Farrar, Will Johnson en Anders Parker). In 2008 was Jim James lange tijd uit de roulatie vanwege een val van het podium tijdens een concert van My Morning Jacket en dat gaf hem de tijd om na te denken over een soloplaat. Tijdens zijn revalidatie kreeg hij het boek God's Man van Lynd Ward in handen en dit plaatjesboek uit 1929, waarin James zijn eigen levensverhaal herkende, inspireerde hem uiteindelijk tot de eerste soloplaat onder zijn eigen naam. Regions Of Light And Sound of God is een fascinerende conceptplaat geworden, die absoluut iets toevoegt aan de muziek die Jim James tot dusver heeft gemaakt. De plaat opent met een eenvoudig pianoloopje en zang, maar wordt vervolgens steeds verder opgetuigd. Het is een vaardigheid die we van My Morning Jacket kennen, maar ook in zijn uppie beheerst Jim James deze vaardigheid tot in de perfectie. Regions Of Light And Sound Of God bevat muziek die nauwelijks in een hoekje is te duwen. De plaat heeft een 60s en 70s geluid met invloeden uit de psychedelica, soul, funk, 50s rock 'n roll, funk, filmmuziek, space rock, jazz en pop en biedt nauwelijks aanknopingspunten met de muziek die Jim James tot dusver heeft gemaakt. Regions Of Light And Sound Of God is zo'n plaat die direct lekker klinkt, maar het duurt even voor je weet wat je met de plaat aan moet. In eerste instantie was ik vooral op zoek naar vergelijkingsmateriaal uit een ver verleden. Dat vergelijkingsmateriaal is volop te vinden, maar het maakt het beluisteren van Regions Of Light And Sound Of God tot een versnipperde luisterervaring. De plaat komt beter tot zijn recht wanneer je je afsluit van de wereld en het verleden even vergeet. De eerste soloplaat van Jim James blijkt dan een buitengewoon avontuurlijke luistertrip die je steeds weer andere kanten op sleurt en die uiteindelijk garant staat voor bijna 40 minuten ultiem luisterplezier. Jim James heeft zijn eerste soloplaat alleen in elkaar geknutseld en heeft dat knap gedaan. De basis is sober met volop ruimte voor zijn unieke zang (van fluisterzacht tot een alles uit de kast halende crooner), maar de kracht zit in de details. Dit zijn de ene keer honingzoete strijkers en blazers of fraai gesamplede drums, maar uiteindelijk springen vooral de gitaarlijnen, die variëren van funky tot bijtend, in het oor. De verhaallijn ontgaat me nog steeds grotendeels, maar daar heb ik wel vaker last van bij conceptplaten. Het gaat uiteindelijk om de muziek en die is prachtig. Jim James liet al eerder horen dat hij in meerdere muzikale settings uitstekend uit de voeten kan. De unieke setting van Regions Of Light And Sound Of God onderstreept dat nog iets nadrukkelijker. Bijzondere plaat. Erwin Zijleman



vrijdag 8 februari 2013

cd Jacco Gardner - Cabinet Of Curiosities

Jacco Gardner - Cabinet Of Curiosities



Bron: 3voor12.vpro.nl

Warm uw lavalamp maar vast op en haal de caleidoscopen uit het stof, want de eersteling van sixties-wonderkind Jacco Gardner is zo goed als los. De verwachtingen waren hooggespannen, maar u raadt het al: Cabinet Of Curiosities lost die verwachtingen moeiteloos in.

Kent u het verhaal van de legendarische Nuggets-verzamelaars? Of van de Pebbles-serie? Ze stonden vol mysterieuze, tijdloze muziek die ten tijde van de oorspronkelijke uitgave amper werd verkocht, maar een tot meerdere decennia later alsnog is herontdekt door liefhebbers, en inmiddels door velen wordt gekoesterd. Als een wat vergeelde polaroid, die zo perfect is verouderd dat je 'm er bijna van verdenkt dat het de intentie was om te vergelen.

Een vergeten schat
Zo klinkt de eersteling van Jacco Gardner, als een vergeten schat die jaren - zo niet decennia - later alsnog per abuis wordt opgegraven uit de achtertuin van Electrolux (de voorganger van Excelsior). Dat is gelukkig niet het geval, want Clear The Air is pas het afgelopen jaar in elkaar geknutseld, komt nu uit, en krijgt nú al de aandacht die het verdient. Niet alleen in Nederland, maar tot ver over de landsgrenzen.

Dat verhaal - Nederlandse jongeman wordt opgepikt door het Amerikaans psychrock-kwaliteitslabeltje Trouble in Mind, waarna internationaal vermaarde media als Pitchfork, NME en The Guardian over elkaar heen buitelen met krachttermen over dit wonderkind uit Hoorn terwijl er pas enkele tracks los waren - kent u al, dus laten we ons vandaag beperken tot de hoofdzaak: de prachtige plaat die Cabinet of Curiosities is geworden.

Krakkemikkige klavecimbels

Op Cabinet of Curiosities klinkt Jacco Gardner als een schim uit het verleden: zijn stem heeft die typische Britse sixties-dictie en door een soort overstuurde galm is hij nooit direct verstaanbaar. En dan heb je nog die gekke koortjes. Spookachtig, zou je het kunnen noemen, of vervreemdend. Dat geldt zeker ook voor de instrumentale titeltrack, waarin continu een kirrend kind te horen is. Of is ze toch aan het wenen?

Op de rest van de plaat bevindt Gardner zich ergens tussen die eerdergenoemde Nuggets-verzamelaars en de gouden liedjes van The Byrds, en ook qua productie weet Gardner precies waar hij mee bezig is. Luister bijvoorbeeld eens naar The One Eyed King: de drums staan helemaal links en dat gitarengetokkel helemaal rechts, zo'n sixties-trucje dat bijna niet meer in zwang is, maar nu juist fris en eigenwijs klinkt. Het zijn echter - vanzelfsprekend naast de stem van Gardner - niet de gitaren die de boventoon voeren, maar bergen aan krakkemikkige toetsen: gekke mellotrons, knorrende orgeltjes en komische klavecimbel-sampels. Vaak nemen zij de meest magische melodieën voor hun rekening, zoals het intro van Clear the Air, dat bellerige deuntje in Where Will You Go en vooral dat waanzinnig mooie stemmige slotnummer The Ballad of Little Jane. Het is bijna zonde dat het nummer pas als laatste aan bod komt, omdat dit hét nummer is dat je grijs wilt draaien.

Van alle tijd

Het verstrijken - of juist stilstaan - van de tijd, dat lijkt een overkoepelend thema van Cabinet of Curiosities. Natuurlijk door het geflirt met de vergane sixties-klanken, maar ook doordat er regelmatig een klok lijkt te tikken: in Watching The Moon is het een gitaartje, in het daaropvolgende The Riddle een koebel die pulseert als een pendule. Ja, en Gardner neemt regelmatig het woord 'Time' in zijn mond. "I can see quite clearly, but in my mind time's catching up on me", zingt hij bijvoorbeeld in Held Me Out.

Onzin, met zijn eersteling maakte Gardner een eigentijds meesterwerkje dat niet slechts voor nostalgische ouwe lullen is bedoeld, maar voor een véél groter publiek. Vandaar dat hij zo breed wordt gedragen, van 3FM Serious Talent tot Pitchfork. Ja, met Cabinet of Curiosities bewijst Jacco Gardner geen wonderkind van deze tijden te zijn, maar van alle tijden.